Door Devolvio · Cloud, software en AI-engineering
Rekenvoorbeeld: twee scenario’s, dezelfde workload
Dit is een fictief voorbeeld, geen klantresultaat, OVHcloud-prijsopgave of besparingsbelofte. We vergelijken 36 maanden met gelijkblijvende capaciteit en dezelfde beschikbaarheids- en hersteldoelen. Bedragen zijn exclusief btw; inflatie, financieringskosten en volumegroei zijn niet meegenomen.
| Kostenpost | Huidig per maand | Nieuw per maand |
|---|---|---|
| Compute en opslag | € 6.000 | € 4.800 |
| Dataverkeer | € 800 | € 400 |
| Licenties | € 1.000 | € 1.000 |
| Beheer | € 2.200 | € 2.400 |
| Back-up en herstelvoorzieningen | € 1.000 | € 900 |
| Totaal | € 11.000 | € 9.500 |
Overstapkosten en terugverdientijd
Stel de eenmalige overstapkosten op € 36.000: € 20.000 migratie, € 10.000 applicatieaanpassingen en € 6.000 tijdelijke dubbele operatie. De huidige TCO is 36 × € 11.000 = € 396.000. Het nieuwe scenario kost 36 × € 9.500 + € 36.000 = € 378.000. Het verschil over drie jaar is dus € 18.000, circa 4,5% van de huidige TCO.
Het operationele verschil bedraagt € 1.500 per maand. De eenvoudige terugverdientijd is € 36.000 / € 1.500 = 24 maanden, gerekend vanaf het moment dat de nieuwe maandkosten volledig gelden. Dit is geen discounted-cashflowberekening.
Test de gevoeligheid van de uitkomst
Als de nieuwe maandkosten € 1.000 hoger uitvallen, resteert € 500 operationeel voordeel per maand. De terugverdientijd wordt 72 maanden en de nieuwe TCO over 36 maanden € 414.000: € 18.000 hoger dan het huidige scenario. Toets daarom vooral beheerinspanning, dataverkeer, groei en de eenmalige werkzaamheden.
Wat er buiten de factuur valt
Verbruikskosten zijn het makkelijkst te zien en daarom het onderwerp van bijna elk kostengesprek. Ze zijn zelden de volledige som.
Beheer kost geld, of dat nu een externe partij is of uren van eigen mensen. Migratie- en veranderkosten zijn eenmalig maar substantieel, en verdwijnen vaak uit de businesscase omdat ze niet in het maandbedrag vallen. Licenties van software die op het platform draait, kunnen zwaarder wegen dan de infrastructuur eronder. En herstelvoorzieningen — reservecapaciteit, uitwijk, back-upopslag — kosten geld dat je hoopt nooit nodig te hebben.
Daar komt dataverkeer bij. Uitgaand verkeer en verkeer tussen regio's of diensten is bij veel platformen een aparte post die pas zichtbaar wordt als een architectuurkeuze hem heeft veroorzaakt.
Stel eerst een meetbasis vast
Elke uitspraak over besparing veronderstelt een vergelijking. Zonder vastgelegde basis is dat een schatting die niemand kan controleren.
Een bruikbare basis legt vast over welke periode gemeten wordt, welke omgevingen meetellen, welke kostenposten wel en niet zijn inbegrepen, en hoe met seizoensinvloeden of eenmalige pieken wordt omgegaan. Leg die keuzes op papier vast voordat er iets wordt aangepast.
- Periode en peildatum, met een verklaring voor uitschieters in die periode.
- Scope: welke omgevingen, accounts, projecten en diensten.
- Inbegrepen posten: verbruik, beheer, licenties, dataverkeer, back-up en uitwijk.
- Toewijzing: welk deel van de kosten is herleidbaar naar een team, applicatie of klant, en welk deel niet.
Toewijzing is de eerste opgave
Zolang een aanzienlijk deel van de kosten niet toewijsbaar is, is elk gesprek over besparen een gesprek over gevoel. Consistente tagging of labeling per omgeving, applicatie en eigenaar is daarom geen administratieve luxe maar de voorwaarde om te kunnen sturen.
Zodra kosten toewijsbaar zijn, kun je ze relateren aan iets betekenisvols: kosten per klant, per transactie, per omgeving. Groei is dan geen probleem meer, zolang die in verhouding staat tot wat ertegenover staat.
Prioriteren op effect, inspanning en risico
Een lijst met besparingskansen is snel gemaakt. De waarde zit in de rangschikking: wat levert het op, hoeveel werk is het, en wat kan er misgaan.
- Ongebruikte resources opruimen: meestal weinig werk, direct effect, laag risico.
- Rightsizing van rekenkracht en geheugen: gemiddeld werk, merkbaar effect, vraagt meting van prestaties na de wijziging.
- Opslagklassen en levenscyclusbeleid: eenmalige inspanning met doorlopend effect, mits herstelbaarheid overeind blijft.
- Niet-productieomgevingen buiten kantoortijden stoppen: eenvoudig, maar vraagt afstemming met teams.
- Architectuurwijzigingen zoals dataverkeer beperken of diensten samenvoegen: het meeste werk, vaak het grootste structurele effect.
Valideer na de wijziging
Een maatregel is pas geslaagd als het effect zichtbaar is tegen dezelfde meetbasis en de dienstverlening niet is verslechterd. Meet daarom naast kosten ook responstijden, foutpercentages en capaciteitsmarges.
Leg per maatregel vast wat verwacht werd en wat is gemeten. Het verschil daartussen is de meest leerzame informatie die een kostentraject oplevert, en het maakt de volgende inschatting beter.
Borg het ritme: budgetten, signalering bij afwijkingen en een terugkerend overleg. Zonder dat loopt het verbruik binnen enkele kwartalen terug naar het oude patroon.